Terug naar actueel

Europese trek naar Brabant

10 maart 2021
6051e12b39e30

Na het recordjaar 2019 hebben buitenlandse bedrijven hun beslissing om zich te vestigen in Brabant uitgesteld. Maar de schade valt mee, vertelt Eelko Brinkhoff, Director Foreign Investments & International Trade, in een interview met PropertyNL Magazine.

Meer Europese bedrijven willen zich vestigen in Brabant. En het aandeel bedrijven dat hun R&D activiteiten hier wil onderbrengen, stijgt.

Het Taiwanese industriële miljardenconcern Delta Electronics heeft het Brabantse ontdekt. Voor de ontwikkeling van laadapparatuur voor elektrische auto’s opent het bedrijf dit jaar een vestiging van 4000 m² op de Automotive Campus in Helmond. Al in 2005 dook Delta voor het eerst in de regio op, met een verkoopkantoortje in Eindhoven. Zo werkt het dus met het lokken van buitenlandse bedrijven, vertelt Eelko Brinkhoff, directeur Foreign Investments & International Trade bij de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM). Het begint klein, vaak met sales of opslagruimte, en daarna wordt er met engelengeduld meer binnengehaald. ‘Na een paar jaar proberen we bedrijven te verleiden om hier ook andere activiteiten te vestigen. Een productie- of R&D-vestiging komt niet zomaar uit de lucht vallen. Dat heeft tijd nodig. Als ze hier eenmaal een stevig ankerpunt hebben, zijn ze ook makkelijker voor de regio te behouden.’

Brinkhoffs geduld wordt nu op de proef gesteld. Het succes van Delta Electronics dateert van 2019, in 2020 was er beduidend minder vuurwerk. Nu was 2019 ook een recordjaar. De acquisiteurs van de BOM sloten dat jaar 50 projecten af, in jargon ‘landingen’. Ongeveer 60% daarvan waren eerste vestigingen in Brabant, de rest betrof uitbreidingen van bestaande locaties. ‘Vorig jaar was er een kanteling’, aldus Brinkhoff. Niet alleen waren er ongeveer 30% minder landingen, het aandeel van nieuwkomers zakte nog harder. Toch viel het Brinkhoff nog mee. ‘Toen we werden geconfronteerd met de coronacrisis en enorme reisrestricties had ik verwacht dat onze portefeuille tot stilstand zou komen. Het verraste me dat we zelfs tussen maart en mei nog aardig wat vragen kregen van buitenlandse bedrijven die hier een activiteit willen plaatsen of uitbreiden. Wel werd een aantal beslissingen uitgesteld; dat zien we nog steeds.’

Reisbeperkingen
Over de afgelopen drie jaar gemeten heeft de BOM per jaar gemiddeld 200 à 220 leads, dus serieuze gesprekken met gegadigden. Daarvan hapt ongeveer één op zes. Een mooie conversieratio, vindt Brinkhoff. De doorlooptijd is gemiddeld 12–24 maanden. Eind juni vorig jaar zat de BOM nog maar op 60% van het gebruikelijke volume aan leads, maar aan het eind van het jaar was dat 95%. ‘De laatste zes maanden was er een enorme toename in de contacten en dat heeft in januari doorgezet. Wel staat de conversie onder druk.’

Vooral Aziatische bedrijven lieten in het coronajaar weinig van zich horen, terwijl de animo van Europese bedrijven voor vestiging in Brabant juist steeg. Het aantal leads uit Europa steeg met 60% ten opzichte van 2019, en was daarmee goed voor 40% van het totaal. De belangstelling uit de Verenigde Staten bleef volgens Brinkhoff op peil.
De groei vanuit Europa, met Duitsland en VK als grootste markten, schrijft Brinkhoff deels toe aan de invoering van reisbeperkingen. ‘In Europa mocht afgelopen jaar veelal nog wel gereisd worden. Ik heb het idee dat bedrijven met uitbreidingsplannen zich daarom eerst hebben gefocust op markten die dichtbij liggen.’

Optimistisch
Brinkhoff is optimistisch gestemd. ‘We hebben het nu al enorm druk. Als de reisrestricties eraf gaan, verwachten we zeker een sprong. Uitstel is nog geen afstel.’ Wel is het de vraag of de huidige toeloop van Europese bedrijven dan aanhoudt. Zonder coronabeperkingen zouden zij hun heil best weer eens verder weg kunnen zoeken. De BOM helpt ook Brabantse bedrijven met uitbreiding naar het buitenland. Afgelopen jaar viel op dat de groep zonder eigen verkoopkantoor in China of de VS een veel sterkere omzetterugval incasseerde dan bedrijven mét zo’n eigen vestiging. ‘De eerste actie is straks om ook in die landen een locatie te openen. Dat zal waarschijnlijk ook gelden voor andere Europese bedrijven’, aldus Brinkhoff.
De BOM telt niet alleen het aantal buitenlandse bedrijven dat voor de regio kiest, maar inventariseert ook de sectoren en de toegevoegde waarde van de activiteiten die hier terechtkomen. Zo is het aandeel van R&D-activiteiten nu ongeveer een kwart. Vijf jaar geleden was dat nog maar zo’n 15% van de totale buitenlandse bedrijvigheid. Wil de BOM dat verder opvoeren? Waar het kan wel, maar de markt voor zulke projecten is volgens Brinkhoff beperkt. ‘Het is belangrijk buitenlandse bedrijven aan je te blijven verbinden, ook al starten zij hier met sales of logistiek.’

Ook dozen
Brabant zoekt de mix. De vaak gewraakte distributiecentra, weggezet als dozen die het landschap ontsieren, zijn niet te min. ‘Zij roepen emoties op’, erkent Brinkhoff diplomatiek. ‘Maar die locaties zijn vaak best goed ontwikkeld. En achter sommige façades gebeuren mooie dingen; er wordt meer waarde toegevoegd dan je denkt. Neem Tesla, dat in Tilburg de modellen S en X assembleert. Wel moeten we kritisch zijn waar we verdere ontwikkelingen toestaan. Versnippering moeten we tegengaan en hotspots versterken.’
Al te veel ruimte is er in Brabant niet meer voor nieuwe mega-dc’s, na de grote groei van de afgelopen jaren, voortgestuwd door de opmars van e-commerce. Bovendien zitten de strenge stikstofmaatregelen de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen in de weg. Brinkhoff: ‘We hebben niet altijd grote kavels meer in de aanbieding. Nu kunnen we het ons veroorloven om kritischer te kijken: voegt een activiteit ook waarde toe of komt er echt alleen maar opslag?’

Leveringszekerheid
In Brabant zijn ruim 1700 buitenlandse bedrijven gevestigd, die voor ruim 130.000 banen zorgen. Toenemende interesse bespeurt Brinkhoff bij buitenlandse agrofood-bedrijven, zoals voedingsproducenten en hun toeleveranciers. Daarbij profiteert de regio van de oprukkende regionalisering. ‘Regionale aanwezigheid in belangrijke afzetmarkten is belangrijker geworden voor bedrijven’, aldus Brinkhoff. ‘Die trend was al gaande door geopolitieke ontwikkelingen als de Brexit en de handelsoorlog tussen de VS en China. Corona zorgt voor een versnelling door alle reisrestricties. Je wilt als bedrijf dicht op je klant zitten, leveringszekerheid bieden.’ Automatisering en digitalisering zorgen voor concurrerende productiekosten, zodat uitbesteden aan lagelonenlanden niet meer zo nodig is.
Brabant kan bovendien schermen met een praktische ligging, tussen het Ruhrgebied en de havens van Rotterdam en Antwerpen. Brinkhoff: ‘Iedere ondernemer begrijpt dat hier een markt is, als ik vertel dat zich binnen 500 kilometer 170 mln consumenten bevinden met bijna de hoogst besteedbare inkomens ter wereld.’

Kwaliteit van leven
En het belastingklimaat in Nederland? Ook interessant, al is dat voor bedrijven die zich in Brabant vestigden volgens Brinkhoff nooit doorslaggevend geweest. Wel wilden de lage grond- en arbeidskosten kandidaten in het verleden nog wel eens over de streep trekken. Tegenwoordig zijn dat volgens Brinkhoff eerder de aanwezigheid van hoogopgeleid personeel en de kwaliteit van leven die expats hier vinden. Vooral Eindhoven is in trek, maar Brinkhoff haast zich ook andere locaties naar voren te schuiven die het goed doen. Zoals de ‘logistieke hotspot’ in Tilburg, het havengebied van Moerdijk, de concentratie van Benelux-kantoren in Breda en het Pivot Park met veel farmaceutische bedrijven op het voormalige Organon-terrein in Oss. In november vorig jaar nog kondigde biotechbedrijf Pharming zijn komst naar Oss aan. Halverwege dit jaar begint de bouw van Panther, een nieuw bedrijfsgebouw van 4000 m².
De distributiecentra in de velden daargelaten, zoeken buitenlandse bedrijven toch vooral de dynamiek van de steden, ook in Brabant. Van de nieuwkomers kiest zeker driekwart voor Brabantstad, het samenwerkingsverband van Breda, Eindhoven, Helmond, ’s-Hertogenbosch en Tilburg. ‘Zij zoeken echt grootstedelijke dynamiek’, aldus Brinkhoff. De regio treedt als één netwerk op, benadrukt hij. Niet ieder voor zich, zoals in de jaren ’90 nog gebruikelijk was. ‘Daarin zijn grote slagen gemaakt.’ De BOM werkt ook samen met het Invest in Holland Netwerk, onder leiding van het Netherlands Foreign Investments Agency (NFIA). ‘We kijken wat het beste is voor de klant. Gaat die liever naar Limburg of Overijssel, dan zullen we ook dat ondersteunen. Dat klinkt makkelijk, maar het is best een stap.’

Concurrerend blijven
Nu eerst die reisrestricties uit de weg, om bedrijven buiten Europa weer te laten toestromen. Maar daarmee zijn we er volgens Brinkhoff nog niet. Het gaat nog goed, maar Nederland moet wel zuinig zijn op zijn vestigingsklimaat. Daaraan wordt volgens hem gemorreld. ‘Ons werk is er niet makkelijker op geworden. Denk aan de stikstofmaatregelen en de verlaging van het hoge vennootschapsbelastingtarief die toch niet doorging. Voor logistiek en productie liepen we met belastingfaciliteiten, grond- en arbeidskosten lange tijd voor op Duitsland en België, maar die zijn ons nu echt aan het inhalen. We hoeven hier niet de laagste tarieven te hebben, maar we moeten wel concurrerend blijven.’ De komende tijd gaat de zelfverklaarde matchmaker zich nader verdiepen in de beweegredenen van buitenlandse bedrijven om zich in Brabant te vestigen. ‘Met data-onderzoek graven we nog dieper om nieuwe bedrijven te kunnen opsporen.’ Het stuwmeer van leads die nog niet zijn geland mag openbreken.

Bron: PropertyNL 

Deel deze pagina

Start making impact! Bekijk onze vacatures